Zo’n moment waarop je schrikt en de gedachte je bekruipt: ‘ik heb iets fout gedaan’. Het is de uitdrukking op het gezicht, de blik in de ogen, nog voordat er iets is gezegd. Je denkt razendsnel na: Wat heb ik niet goed gedaan? Wat moet er anders?
Je voelt spanning toenemen in je lichaam of de neiging weg te lopen, te willen verdwijnen! Herken je dit?
Waarom je je (zo snel) schuldig voelt
Die ochtend gebeurde het weer. Het was nog voor hij het zei, dat ze het voelde. Het was de blik in zijn ogen die haar al genoeg vertelde.
Als een razende gingen haar gedachten, wat heb ik niet goed gedaan, wat moet er anders? Wat is er gebeurd?
Eerst begreep ze niet wat er gebeurde, in de mist van verwarring, voelde ze een toenemende spanning in haar buik, haar schouders. Ze kijkt, onbewust, naar de deur, kan ze weggaan? Ze zit al bijna in de startblokken, maar ook al gaat ze de deur door, echt verdwijnen kan ze niet, en eigenlijk is dat wat ze het liefst wil.
En zonder dat ze het zelf doorheeft draait haar hoofd overuren.
Het gebeurt in een fractie van een seconde dat ze het wil begrijpen, wil weten wat er gebeurt.
Het oplossen ook, dat wil ze graag, ook al weet ze nog niet wat er mis is.
Pas veel later die dag valt het kwartje.
Dit gevoel.. ze kent het!
Het gevoel van willen verdwijnen.
Het is de schaamte, de schaamte van niet voldoen aan de verwachting van de ander.
Of is het eigenlijk: báng zijn om niet te voldoen aan de verwachting van de ander. Niet goed genoeg te zijn?
Het gevoel dat je wilt verdwijnen
Zij, Else, vertelt het terwijl ze bij mij op de bank zit, hoe ze zich realiseert dat dit gevoel haar vaker bekruipt, ze het idee heeft dat het helemaal niet gaat over dat moment, maar iets anders. Iets diepers in haar. Zou dat kunnen?
Ik zeg haar: zullen we dit deel eens in de ruimte opstellen?
Omdat we vaker gesprekken hebben, weet ze dat ik bedoel om via psychodrama met attributen of stoelen helder te krijgen waar een gevoel, een gedachte, herinnering of beweging over gaat.
Een wijze waarop niet het bewuste, cognitieve brein het eerst moet begrijpen en analyseren, maar waarop het lichaam, de herinneringen mogen spreken.
Ze zegt: ja graag! Ze pakt een klein stoeltje en zet het verderop in de kamer. Dan komt ze weer op de bank zitten. We kijken ernaar.
Daar is dat gevoel, dat nare, akelige gevoel alsof je wil verdwijnen. Daar op dat stoeltje, klopt dat? Ze zegt: het mag er niet zijn, het is net of ik voel hoe het thuis was. ‘Ik mag niet tot last zijn!’
Waar komt die kritische stem vandaan?
Ik vraag haar om nog een stoel te pakken.
Voor deze stem: Je mag niet tot last zijn.
Daar op die plek van die stoel zeg ik op dezelfde toon als waarop zij het zojuist uitsprak op de bank: Je mag niet tot last zijn – richting het kleine stoeltje.
Het is een kritische, harde, neerbuigende stem die haar dit vertelt.
Aan haar houding zie ik hoe ze zich in een houding dwingt, ongemakkelijk én vertrouwd tegelijk.
Hoe is het hier, op dit stoeltje, vraag ik haar terwijl ik daar naast haar ben gaan staan.
Beklemmend zegt ze met een zachte stem.
Het is alsof ik nauwelijks kan bewegen. Het niet goed kan doen.
Terwijl ze mij aankijkt, kijkt ze schichtig naar de stoel waar de kritische stem vandaag kwam zojuist.
Ik vraag haar, wat gebeurt er nu daar, bij die stoel?
Hij gaat los.. zegt ze.
Nadat we hebben gehoord wat hij te vertellen heeft en hoe het voor haar als klein meisje op deze plek is, neem ik haar mee naar een ander plek in de kamer. Bij de deur. Waar ze als het ware aan de zijlijn staat.
Bewust zoek ik een veilige zone voor haar op, waar ze weer terug kan gaan naar haar volwassen-ik. Haar stevige grond en vanuit daar kan kijken naar dit deel in haar.
Ze kijkt vanaf deze zijlijn, naar de kritische stem en naar het kleine meisje op de stoel.
Daar herhaal ik de conversatie die daar zojuist plaatsvond.
En dan kom ik naast haar staan.
Hoe is het om zo te kijken naar daar? Naar haar, je kleine meisje?
Ze kijkt me aan, kijkt weer terug. Dit is precies hoe het was!
Ik zie haar houding alsof er iets klikt in haar.
Het is dit, zegt ze, als een ander mij aanspreekt, terwijl ik iets zie in de ogen wat ik toen voelde, dan klinkt deze kritische stem ook! Deze is zo bekend!
En dat, wat zij doet, ze wijst naar het kleine stoeltje, is wat ik doe.
Ik trek me inderdaad terug. Probeer te voldoen, voor hém!
De innerlijke criticus: de stem die je altijd hebt geloofd
Dit is wat ze kent, wat ze al haar hele leven doet.
Weggaan waar het te spannend wordt.
Het is de enige plek die nog iets van veiligheid geeft. Omdat dat ooit de veiligste optie was. Het is zo’n naar gevoel!
Het gekke is: die ene blik, één toon, een fractie van een seconde kan je volledig terugbrengen naar toen.
Zelfs als je het je niet meer bewust herinnert.
Maar je lichaam herinnert het zich nog wel.
Je lichaam reageert al, voordat jij weet of begrijpt wat er gebeurt.
Wat er verandert als je die stem niet langer gelooft
We zitten samen op de bank te kijken naar haar kleine meisje, naar die grote, aanwezige, kritische ander als ze ineens op het randje van de bank gaat zitten. Ik zie haar schouders zakken.
“Maar… ik heb hem – ze wijst naar de grote stoel – gewoon altijd geloofd!”
Even is het stil. Ik zie hoe ze slikt en zachter voegt ze eraan toe: “Ik heb altijd geloofd dat ik niet lastig mag zijn.”
Een besef dat confronterend indaalt. Het is niet de situatie van nu die zo overweldigend is. Maar de overtuiging van toen.
Oude overtuigingen doorbreken: dit is wat er mogelijk is
De innerlijke verschuiving komt samen met het besef hoeveel invloed die oude, geïnternaliseerde overtuiging heeft. Het besef komt zichtbaar aan – het moment dat het klikt vanbinnen, ze geraakt wordt en ik moedig haar aan: volg je gevoel maar en doe wat je doen wilt!
Op het moment dat dat besef binnenkomt, verandert er iets.
Ik moedig haar aan: volg maar wat er in je opkomt.
Ik wil haar beschermen, zegt ze. Ze kijkt daarbij nog ietwat onzeker, dit is onbekend, heeft ze niet eerder gedaan. Toe maar! zeg ik. Dan staat ze voorzichtig op, onwennig maar ook vastberaden, duwt de grote stoel (met die kritische stem) bij haar kleine meisje weg. Hou op jij! zegt ze en onderstreept haar woorden met nog een fikse duw tegen de stoel.
Even staat ze stil. Dan draait ze zich naar mij om en kijkt me aan.
Oh! zegt ze, haar schouders zakken. Wat is dit fijn!
Haar ogen stralen. En ontspannen gaat ze zitten.
Je hoeft niet langer te leven vanuit die oude stem
Het overweldigende nare gevoel waar je nu in diverse momenten nog last van hebt, waar je zo in kunt verdwijnen; dat gevoel hoeft niet te blijven. Je hoeft er niet langer onder gebukt te gaan. Op het moment dat je gaat voelen ‘dit hoort bij toen en niet bij nu’ en ik ben niet meer dezelfde als toen, komt er ruimte.
Ruimte om anders te reageren.
Om jezelf niet langer steeds kleiner te maken.
En ruimte om jezelf serieus te nemen.
Het zet je vrij van oude overtuigingen en gevoelens en geeft je zelfvertrouwen.
Wil jij niet langer gebukt gaan onder die nare, beklemmende gevoelens?
Herken je jezelf hierin:
Dat je snel denkt dat je iets fout doet, bang bent om anderen teleur te stellen?
Je steeds het gevoel hebt dat je niet te veel ruimte in mag nemen?
Je jezelf kleiner maakt dan je eigenlijk bent?
Dat je heel regelmatig het gevoel hebt tot last te zijn?
Dan is de kans groot dat jouw innerlijke criticus nog steeds aan het stuur zit.
En dat hoeft niet zo te blijven! Wat zou er veranderen als je die oude stem niet langer hoeft te geloven?
Met de DANS-cirkel ontdek je waar zulke overtuigingen vandaan komen, hoe ze nog steeds invloed hebben op je lichaam en je leven én waar jouw ruimte voor beweging zit. Nieuwsgierig? Bekijk dan de gratis video-serie over de DANS-cirkel.
Ontvang GRATIS videoreeks over de DANS-cirkel
In de zesdelige videoreeks van de DANS-cirkel kun jij proeven aan jouw Rode, Oranje en Groene zone.
Wil jij jouw leef- en beweegruimte oprekken? Vraag dan deze videoreeks aan!